Familie Pieterse

Tegenover ons woonde de familie Pieterse, waar ik regelmatig over de vloer kwam, soms met enige schroom, want buurvrouw Pieterse gaf in mijn herinnering zoʼn beetje altijd de borst aan weer een nieuw kind. Buurman Willem Pieterse was broodbezorger voor Bakkerij Otten aan de Koepoortsweg en deed ook iets met kippen. Althans, ik kwam veelal achterom, waarbij het me is overkomen, dat buurman pratendevoort de nek van een kip omdraaide en dat er ook nog enkele andere kippen liepen, die eenzelfde behandeling zouden ondergaan. Deze activiteiten heb ik niet verder afgewacht.

Met de buurjongens Pieterse voetbalden we regelmatig. Dat deden we meestal aan de Commandeur Ravenstraat, waar een groot veld was (nou ja groot, destijds vond ik het groot) en waar zo'n beetje iedereen uit de buurt kwam om te voetballen. Jongens als Gerard Imming, Jos Koppes, Willem Loos, Jan Temme, Hans Blokdijk, Peter Blokdijk, Ton Pieterse, Cor Pieterse, mijn broers Cees, Jacco en Rob en nog veel meer kwamen daar zo'n beetje dagelijks om een partijtje te doen met wat vage kledingstukken of schooltassen, die dienst deden als doelpalen.
We hebben daar ongelooflijk vaak gespeeld en naar ik me kan herinneren kwam regelmatig de politie langs, omdat het niet echt mocht, maar ik geloof dat ze daar ook weer niet echt streng mee waren. Waarschijnlijk had een of ander kinderloos echtpaar weer eens aan de bel getrokken en kwamen ze om die reden af en toe hun gezicht laten zien. We hebben het desalniettemin jaren volgehouden om ons daar volledig uit te leven op voetbalgebied, buiten de eigen voetbalvereniging.

Ook de gebroeders Pieterse lieten zich niet onbetuigd. Ton probeerde zoveel mogelijk gebruik te maken van zijn technische vaardigheden, die door hemzelf hoog werden ingeschat. Cor deed vertwijfelde pogingen een gelijkenis te doen opgaan met Willem van Hanegem, maar verder dan een soort kromgetrokken sleepbeweging is het naar mijn inschatting niet gekomen, doch Cor kon wel degelijk aardig voetballen. Wim had een manier van voetballen die deed denken aan Jack Charlton. Ook Wim was groot, oogde traag maar was het niet, en maakte zich ogenschijnlijk nooit druk. Wim heeft het genoegen mogen smaken nog jaren met mij te hebben gevoetbald in een zaalvoetbalteam, waarbij Wim dezelfde speelwijze aan de dag legde als op het veld. De Pietersen hadden nog meer kinderen, ik herinner me Mario, die echter vanwege een ernstig leeftijdsverschil buiten ons gezichtsveld bleven en waarover ik dus ook weinig anders weet te melden dan dat ze bestonden. De broers Pieterse hebben allen een functie aanvaard, waarbij kan worden opgemerkt dat ze niet overliepen van het avontuur en waar het woord risicovol met hele kleine lettertjes staat geschreven. Ton werkte voor de PWN, Cor voor het gasbedrijf, Wim voor de PTT en Mario bij het GAK.

Van buurvrouw Pieterse zal me de kreet "ken je nog poepen in het donker zonder licht" altijd bijblijven en van buurman weet ik me nog te herinneren dat ie steevast altijd op de zaterdag de deurbel ging poetsen, die daarmee de toets der kritiek altijd heeft kunnen doorstaan. Beiden hadden een prachtige manier van begroeten: buurvrouw altijd joviaal ("hallo Walter"), buurman met een soort jongensachtige glimlach, maar altijd uitnodigend. En aangezien de gehele familie Pieterse fanatieke aanhangers waren van Feijenoord en wij van Ajax zijn er regelmatig blikken uitgewisseld over de straat heen, die triomf (in ons geval) of teleurstelling (De Feijenoorders aan de overkant) uitstraalden. Misschien was het wel mede daarom dat we er hele leuke buren aan hadden.