Familie Gieling

Op de hoek Drieboomlaan/Tyrasstraat woonde de familie Nieuwboer: vader Nieuwboer, een wat tengere man, die iets in verzekeringen deed, zijn vrouw, die bepaald niet tenger was en in een later stadium het leven ging delen met Bertus Boer, waarover elders meer, en enkele kinderen. Met een van de zoons trokken wij ook wel op, maar spijtig genoeg herinner ik me eigenlijk alleen nog maar zijn bijnaam: Bul. Naast de familie Nieuwboer woonde de familie Gieling, een keurig katholiek gezin, waarvan ik van de jongens Simon en Koos ken en van de meisjes Joke, die destijds verkering had met Gem Doodeman uit Blokker en waar ze volgens goed ingelichte bronnen later ook mee is getrouwd, Hannie (waar mijn broer Jacco iets mee had) en Nelleke Gieling, waar mijn hart weer sneller van ging kloppen. Vader Gieling zong, als ik het me goed herinner, in het kerkkoor van de kerk aan de Joh. Poststraat. Ik vond Nel erg interessant, maar had geen idee hoe daar vorm aan te geven. In de kerk, en met name tijdens het lof, wist ik haar altijd op afstand te vinden en vervolgens hadden we middels knipogen een vorm van contact. We zagen elkaar ook wel eens in het zwembad aan de Westerdijk (het fameuze Witte Badhuis), waar we met een paar vrienden overigens veelal aan "kontjelopen" bij de meisjes deden, wat absoluut niet door ze op prijs werd gesteld, maar wij vonden in dat stadium alle aandacht die we van ze kregen leuk.

Om de nobele kunst van het "kontjelopen" te verklaren hier even een korte uiteenzetting. Twee of meer meisjes, die overigens niet weten wat er te gebeuren staat, liggen naast elkaar op hun buik te zonnebaden (kontjes omhoog dus), waarbij het dan dus de bedoeling was om heel snel over de kontjes te lopen en waarbij de meisjes natuurlijk gelijk een verontwaardigde gil gaven. En des te meer meisjes er lagen, des te meer snelheid het vergde om alle kontjes te "pakken", want ook de achterste meisjes schrokken natuurlijk van de gilletjes van de anderen, waarbij het uit eraard niet onze bedoeling was om met onze voeten daar te belanden, waar we nog niet aan toe waren. Nogmaals, de meisjes stelden het nooit op prijs, maar voor ons was het altijd weer een leuke bezigheid. Zo hadden we toch contact met de meisjes en hun reacties betekende toch een vorm van aandacht. Ja, we deden wel meer rare dingen, maar daar zal ik hier niet dieper op in gaan.

Een van de meisjes was dus Nel en ik heb haar in ieder geval duidelijk kunnen maken dat ik haar leuk vond, want op een avond stond ik met een paar vrienden te praten in de stad, waarbij net Nel er aan kwam. Ze praatte wat met ons en zei toen tegen me: "loop je mee naar huis" en ze pakte daarbij mijn hand. En omdat dit de allereerste keer was dat ik hand in hand liep met een meisje stamelde ik allerlei onzin uit en voelde me buitengewoon ongemakkelijk. In het steegje bij haar huis hebben we toen nog afscheid genomen met mijnerzijds een kuspoging, waarna de kop er in ieder geval af was. Vervelender was he t dat Nel deze stuntelige ontmoeting en het vervolg erop in geuren en kleuren heeft verteld aan een ander meisje uit de buurt, waar ik mijn oog op had laten vallen, en die vertelde het weer aan de hele groep jongens en meiden toen we weer eens met z'n allen de stad in gingen. Hilarisch gelach, maar ik bespeurde bij de jongens toch een vorm van jaloezie, want ja...... Snapt u 'm? Met Nel en mij is het nooit wat geworden, dat moge duidelijk zijn. Wel met het andere meisje, dat zo uit de school had geklapt.

Een ander lid van de familie Gieling was Simon, een gedrongen mannetje, waarbij ik altijd moet denken aan een regeltje tekst, dat ik ooit had gelezen in het Forward clubblad. Simon was namelijk een enthousiast voetballer, had een heel hard schot, maar had wat lichtelijke problemen met de nauwkeurigheid. Het zou wat oneerbiedig zijn om te zeggen, dat ie maar een end heen knalde, maar in het Forward clubblad hadden ze daar dus een hele fraaie verwoording voor gevonden bij een verslag over een zaalvoetbalwedstrijd, waarin de regel stond: "...... en nadat Simon Gieling alle uithoeken van de zaal onder vuur had genomen......". Mooier had ik het nooit kunnen omschrijven. Aardige jongen overigens die Simon.

Weer een ander lid van de familie is Koos. Rustige Koos. Helaas is Koos in 2011 overleden. Hij was getrouwd met Bep Walrecht, over wier familie een uitvoerig artikel staat beschreven elders op deze site.

Voor wie het niet meer weet: het Witte Badhuis was aanvankelijk gewoon een omheind stuk grond aan de Westerdijk, daar waar nu de nieuwe Parkschouwburg staat, waar je in het vaak niet al te schone en koude IJsselmeer kon zwemmen en waarbij de hoogste vorm van dienstverlening bestond uit enkele steigers waar je ook "zwemles" kon krijgen.
Die zwemles begon dan bij de eerste steiger en ging door tot de derde steiger en om maar te illustreren dat de surveillance daarbij niet al te uitbundig was kan ik melden dat er zich verschillende bijna-verdrinkingsgevallen hebben voorgedaan, omdat er eigenlijk niemand naar je omkeek. In het bijbehorende witte gebouw rook het altijd naar teer en was het voor de meisjes niet van gevaar ontbloot om in de kleedruimte te gaan, want er waren altijd wel jongens die probeerden te gluren.
Maar we vonden het er geweldig. Niet alleen was het lekker buiten en lekker groot, je kon er ook nog eens terecht in het snoepwinkeltje waar je van alles kon krijgen en je ontmoette er iedereen.